luther dresden        logo reformatie

Op 31 oktober 2017 is het 500 jaar geleden dat Maarten Luther zijn 95 stellingen vastspijkerde aan de deur van de slotkerk te Wittenberg. Deze haast mythische gebeurtenis en de uitwerking hiervan, wordt vaak gezien als het begin van de Reformatie en van wat we nu ‘protestantisme’ noemen: een vernieuwingsproces  dat de kerk en de wereld heeft veranderd.
In 2017 staan we hierbij stil en kijken we vooruit. Naast en met verschillende kerkgenootschappen, oecumenische organisaties en gelegenheidscoalities herdenkt en viert de Protestantse Kerk 500 jaar protestantisme.

500 jaar Reformatie
Op deze website kun je allerlei materiaal over Martin Luther en de reformatie downloaden dat je kunt gebruiken voor je lessen op (zondags)school, op catechisatie, of voor je Bijbelstudiegroep. Er is materiaal voor jongeren en voor volwassenen. Het bestaat uit printbare lessen, handleidingen voor docenten, clubleiders en catecheten en veel extra’s, zoals filmpjes, leesteksten, Powerpointpresentaties etc.
Je kunt eenvoudig je lessen samenstellen door te zoeken op een thema of doelgroep en dan te downloaden wat je wilt gebruiken. Het lesmateriaal en de handleidingen worden als PDF aangeboden, zodat je die makkelijk kunt printen. Het lesmateriaal is opgesteld vanuit de visie dat de reformatie, als beweging van vernieuwing en verandering, van blijvende betekenis is. We komen de invloeden van de reformatie vandaag nog op allerlei gebied tegen. De reformatie heeft laten zien dat in tijden van verwarring en onzekerheid bestaande structuren, waarden en opvattingen vervangen kunnen worden door nieuwe. Voor gelovigen vandaag zijn de kennis en inzichten die vanuit de reformatie zijn opgedaan van grote waarde in hun leven met God.
In de lessen maken we steeds een verbinding tussen een thema uit de tijd van de reformatie en onze tijd. Bekijk de site.


In Kerknieuws leest u dit jaar, voor zover de ruimte het toelaat, regelmatig over Luther en over 500 jaar protestantisme. In het februarinummer verwezen wij naar een interview met Dr. Maarten Luther, dat het Reformatorisch Dagblad met hem had.

14 november 1517. Het is nu twee weken geleden dat prof. dr. Maarten Luther zijn 95 stellingen tegen de aflaat op de deur van de Wittenberger Slotkerk liet aanbrengen. Ze brachten een ongekende schokgolf teweeg – in Duitsland en daarbuiten. Hoog tijd voor een interview.

Het gesprek heeft plaats in Luthers werkvertrek in het Zwarte Klooster in Wittenberg, waar hij ook woont. Het convent van de augustijner heremieten is vijftien jaar geleden gesticht door Johannes von Staupitz, gelijktijdig met de universiteit van Wittenberg. Von Staupitz was van 1502 tot 1512 hoogleraar ”lectura in biblia” aan deze universiteit; in dat jaar volgde dr. Luther –toen nog maar 29– hem op. Ook in het klooster zelf vervult Luther een hoge functie: hij is subprior, de op een na hoogste overste. Hij preekt hier ook, evenals in de Stadskerk.
Hoge functies ten spijt, tot voor kort hadden niet zo heel veel mensen van de hoogleraar in de theologie uit het kleine Wittenberg gehoord. Daar kwam na 31 oktober verandering in.

Had u verwacht dat uw stellingen zó veel opzien zouden baren?
Dr. Luther, gekleed in zwart habijt: „Beslist niet. Ik had ze niet voor niets in het Latijn opgesteld. De stellingen waren bedoeld om een academisch dispuut rond aflaat en boete op gang te brengen. Daarnaast heb ik ze naar bisschop Hieronymus Schulz in Brandenburg gestuurd en naar aartsbisschop Albrecht von Brandenburg, opdrachtgever van die vreselijke aflaatprediker Johannes Tetzel. Maar naar ik begreep, zijn ze inmiddels in Neurenberg in het Duits vertaald en gedrukt, en praat heel het land erover.”

Blijkbaar vindt uw boodschap weerklank.

„De hele wereld klaagt over de aflaat, ja. Maar niet alleen daarover: het hele kerkelijke leven lijkt ineens ter discussie te staan. Deze roem lust mij niet. Rond de aflaat ben ik er zelf nog niet eens helemaal uit. Dit lied kon voor mijn stem weleens te hoog worden.”

Wat hebt u, in enkele zinnen, met uw stellingen willen zeggen?
De hoogleraar pakt zijn ”Thesen” erbij. „Eigenlijk staat er in de eerste stelling al heel veel: „Onze Heere en Meester Jezus Christus wilde met Zijn uitspraak „Doet boete” (Mattheüs 4:17) zeggen dat het hele leven van de gelovigen één boetedoening zou zijn.”
Ik zie op dit terrein zó veel misgaan. Ik constateerde dat al langer, maar sinds dit voorjaar Tetzel in de omgeving actief is, zie ik ook de pastorale gevolgen van zijn prediking en aflaathandel. Hij brengt zijn boodschap zo aantrekkelijk en indringend dat ook Wittenbergers met geld op zak naar hem afreizen, om door middel van een aflaatbrief hun zielenheil te kopen. Maar als zij dan weer terugkomen, merk ik dat meteen in de biechtstoel.”
Fel: „Genade ís niet te koop door middel van een aflaat, en voor de doden al helemaal niet. De diepe gevolgen van de zonden kan geen aflaat tenietdoen; dat kan alleen het Evangelie – waarbij boete en berouw, in de zin van dagelijkse vernieuwing van de gezindheid, onmisbaar zijn. Dat heb ik op de wetenschappelijke agenda willen zetten.”

Waarmee u een groot risico nam: dit kon u uw functies weleens kosten.
„Zo’n vaart zal het niet lopen. Over zulke dingen moet toch te praten zijn? Maar, eerlijk gezegd, ik zit er best een beetje mee in mijn maag hoe bijvoorbeeld de grote universiteit in Erfurt hierop gaat reageren. Misschien ben ik ook wel wat te vermetel. Anderzijds, in een brief aan mijn vriend Johannes Lang, prior in Erfurt, heb ik gezegd: Als ik dan vermetel zou zijn, wordt de waarheid door mijn vermetelheid niet waardeloos.”

Hoe verwácht u dat de Katholieke Kerk, en paus Leo X, gaan reageren op uw stellingen? U stelt nogal wat aan de orde: Aristoteles, het vagevuur, de paus...
„Ik hoop dat ze als een spiegel fungeren, dat de kerk ermee aan de slag gaat. Maar nogmaals, ik ben daar niet helemaal zeker van. Er wordt kritisch naar me gekeken, merk ik. In mijn brief aan Lang schreef ik dat ik wel wilde dat Aristoteles zo kritisch zou worden bekeken als ik.
Overigens heb ik twee maanden terug, voor een promotieplechtigheid, 99 stellingen op papier gezet. Die waren nog wel wat scherper, richting Aristoteles en Petrus Lombardus onder anderen. Maar in al deze dingen wil ik niet zeggen, noch gezegd hebben, dat wij iets geloven dat niet in overeenstemming is met de opvattingen van de Katholieke Kerk.”

U noemt de Griekse filosoof Aristoteles, toch wel dé autoriteit als het gaat om de leer. Heeft hij het echt zo bij het verkeerde eind?
„Die hele Aristoteles verhoudt zich tot de theologie als schaduw tot licht. We moeten terug naar de kerkvader Augustinus. En dat zeg ik niet omdat ik een augustijn ben. Nota bene: tot 1509 heb ik als augustijner monnik nooit iets van Augustinus hoeven lezen. Hij betekende dus niets voor mij. Maar toen ik Augustinus ben gaan lezen, kon ik niet meer stoppen. Ik heb hem verslonden – zijn ”De Trinitate”, zijn ”De Civitate”, andere werken van hem. Bij Augustinus las ik wat genade is! Augustinus heeft dat ook onder woorden moeten brengen in zijn strijd tegen de pelagianen, de tegenstanders van de genade Gods. En via Augustinus ben ik bij Paulus, de Schrift zelf, terechtgekomen.
Ik vind het meer dan verbazingwekkend dat onze geleerden zonder blikken of blozen kunnen beweren dat Aristoteles de katholieke waarheid niet weerspreekt. Het ís niet zo, zoals Aristoteles meent, dat wij rechtvaardig worden door rechtvaardige dingen te doen. Het blijft een schijngerechtigheid. Pas wie rechtvaardig wordt en is, die doet rechtvaardige dingen. Eerst moet de mens veranderen, dan pas de werken. Als wij zelf met eigen moeiten en kwelling ons geweten tot rust moeten brengen, waarom is Christus dan eigenlijk gestorven?”

Het hele interview lezen? Dat kan: klik hier.


Luther gezin
Luther en zijn gezin

Op verzoek van de Evangelisch-Lutherse Synode en ter gelegenheid van het Lutherjaar 2017 heeft tekstdichter Andries Govaart een nieuw Lutherlied 'Wij leven van genade'geschreven. Jac Horde componeerde de melodie.

Wij leven van genade, God,

door u alleen gegeven,

niet door mijn ijver in mijn trots

of mijn lichtzinnig streven.

Ontheemden zijn wij in zwaar weer,

wij kunnen ons niet redden, Heer.

Als u wilt, spaar ons leven.
Een druppel dauw, een roos ontluikt,

u bent er en nog kleiner.

En u gaat boven alles uit,

zo groot, voorbij de einder.

Vermomd en onnaspeurbaar, God,

bent u verborgen voor ons tot

wij u in Christus' kruis zien.
Spreek tot ons door uw levend Woord

en richt ons met uw teken.

Geef troost in twijfel, schenk geloof,

genees onze gebreken.

Dan breekt een nieuwe vrijheid baan,

wij binden ons met Christus’ naam

en mogen in hem leven.

Een toelichting op de tekst van dit gedicht en meer over de melodie en alles wat daarbij hoort, leest u op de website van de Protestanse Kerk Nederland